Cape Reinga Coastal Walkway & 90 Mile Beach

    Nu ik in een schommel-loungebank van de Youth Hostel/Holiday Park in Ahipara zit te genieten van een welverdiende rust, kan ik met enige bewondering terugkijken op de afgelopen 101 kilometer die we hebben afgelegd. 101 Lange kilometers van Cape Reinga naar Ahipara, de eerste sectie van de Te Araroa. Een mooie maar helse tocht…

    De dagen voordat we écht van start zijn gegaan, hebben we in Auckland de eerste inkopen gedaan voor de trail. Op zoek naar lichtgewicht eten met zoveel mogelijk calorieën. Én nog eens snel te bereiden. Wat een eisen! In onze Airbnb hebben we alles uit de verpakkingen gehaald en verpakt in losse ziplocks zodat je er onderweg snel bij kunt.

    20161023-0451-r0060094

    De trail begint…
    Dinsdag 25 oktober gingen Jasper en ik daadwerkelijk van start met de Te Araroa trail in Nieuw Zeeland (Voor degenen nog nooit van de Te Araroa – ofwel, de long path way in Maori, hebben gehoord. Te Araroa is een trail in Nieuw Zeeland van 3000 km, dat loopt vanaf Cape Reinga, uiterste puntje van het noordereiland naar Bluff, het uiterste puntje van het zuidereiland).

    Via Facebook hadden mede-hikers ons erop gewezen dat Ollie Lancaster trampers – zoals Kiwi’s hikers noemen – een lift kan geven vanaf Kaitaia, de laatste ‘grote’ stad’ waar je nog inkopen kunt doen, naar het beginpunt van de Te Araroa, Cape Reinga. Blij met de tip, belden wij Ollie en regelden wij onze rit naar het beginpunt om rustig van start te kunnen gaan. Die rustige start werd die heuse ochtend meteen teniet gedaan. We startten de dag niet alleen in de regen, waar ik al van baalde, ook kwam de infamous Ollie, waar iedereen vol lof over sprak, niet opdagen. Achteraf hoorden wij dat hij te vroeg bij onze hostel was aangekomen dan afgesproken en andere trampers had meegenomen. Dat betekende dat wij direct in het diepe werden gegooid en moesten liften.

    20161024-2333-r0060095

    Zowel Jasper en ik hadden nog nooit gelift. Ik vind het niet alleen doodeng, maar heb er eveneens een broertje dood aan om afhankelijk te zijn van anderen of om hulp te vragen. En niets is kwetsbaarder, dan je kwetsbaar opstellen of openstellen, zo je wilt, dan je duim opsteken en hopen dat men je bij de gratie Gods een slinger wil geven. Onwennig giechelend stonden we met een half duimpje in de lucht, breed lachend met puppydog eyes: “we zijn echt heel aardig, onschuldig en (nog) schoon. Neem ons mee!” Althans dat hoopten we dat we dat uitstraalden. Na een paar keer denk je: “Och, nog even geduld hebben!” Daarna denk je: “Het duurt nu wel heel lang. Hoort dat?” Op het moment dat we er doorheen zaten, keerde het tij.

    Kennelijk pikten mensen met een goede inborst ons dito we are good people-vibe op. Het kostte ons 3 uur en 4 verschillende mensen met allen een ander verhaal – van blanke Kiwi’s tot Maori’s – om bij de Cape te komen. Deze mensen zijn we voor altijd dankbaar. In mijn achterhoofd speelt dan “de volgende keer neem ik ook hitchers mee”, want hoe fijn is het als mensen je toch willen helpen. Onze onrustige start is dan toch ergens goed voor geweest.

    Mijn reden om de trail te lopen is om te leren, te genieten en mij meer open te stellen voor anderen. Deze les ging patsboem-right-in-your face in: 1. Heb vertrouwen. 2. Heb geduld. 3. Het komt altijd wel goed, ook al klinkt dat cliché. 4. Durf je kwetsbaar op te stellen. 5. Durf je überhaupt open te stellen.

    20161025-0248-00026
    Cape Reinga naar Twilight Beach
    Aangekomen op de Cape konden we, weliswaar 3 uur later dan gepland en nadat we het verplichte fotomoment bij de vuurtoren hadden gemaakt, starten met Te Araroa. Zenuwen gierden door mijn lijf: houdt mijn lijf het wel? Mijn knieblessure speelt weer een beetje op. Hebben we niet te weinig bij ons? Oh goden, wat als we teveel bij ons hebben? Hoe lastig zou deze eerste 12km zijn? Zijn we niet te laat? Wat als het al vloed is?… Je kent het wel, al die onzekerheden die door je hoofd spelen als een situatie onbekend is. Echter, als je daar staat, daar bij die beroemde vuurtoren op Cape Reinga, dan is er geen andere optie dan stap voor stap en voetje voor voetje die eerste meters te maken. Tas op de rug, wandelstokken in de aanslag en gaan.

    20161025-0336-00029

    20161025-0322-r0060118
    20161025-0350-00030

    Omdat wij laat van start konden gaan, moesten we best haasten – dachten we – vanwege het getij. In de trailnotes staat dat je redelijk op tijd moet zijn anders kun je het strand niet meer over. In hoog tempo stomen we die 12,5 km over strand, rots, water en door het bos.

    Het waren de zwaarste 12,5 km ooit. Niet alleen omdat we moesten wennen aan lopen met 15kg op de rug, wennen aan de nieuwe leefsituatie of vanwege het ruige terrein. Ook de onrustige en onverwachte start en het forenzen hebben er flink ingehakt, waardoor wij toch al enigszins in energie hadden ingeboet. Het is immers allemaal nieuw en er komt veel op je af.

    Als wij eindelijk rond 18:00 aankomen, zijn er al enkele mede-TA’ers in het kamp. Toch wel gezellig en fijn, de wetenschap dat je niet meteen helemaal alleen in de middle of nowhere zit. Doodmoe, maar ook wel voldaan zetten we onze tent op en proberen enige structuur aan te brengen in onze kleine leefruimte. Even eten, en dan meteen naar bed, want de volgende dag beloofde ook weer heftig te worden. De eerste stappen van 27 kilometer over 90 Mile Beach staan voor de deur.

    20161025-0853-r0060140-148

    De tocht naar de Bluffs
    Met spierpijn in de benen en vermoeide schouders hezen we ’s ochtends semi-vrolijk en met gezonde tegenzin de zware packs op onze rug. Ik houd me maar voor dat er een plek is waar we kunnen kamperen mét drinkwater. Water is immers het belangrijkste dat we nodig hebben.

    20161025-0856-r0060145-pano

    Om eerlijk te zijn, ik heb nog nooit langer gelopen dan 23 kilometer en was dus best zenuwachtig over mijn eigen kunnen. Wonder boven wonder, vlogen we over het strand ondanks de nieuwig- en vermoeidheid.

    Begrijp me niet verkeerd het strand is prachtig, vooral als de zon schijnt: blauwe luchten, idyllische wolken, geel zand zo ver als je kunt zien en azuurblauwe zee. Klinkt als een paradijs, niet waar? Na 20+ kilometer begint het wel enigszins zijn charmes te verliezen. De uitgestrekte stranden worden oneindige en eentonige vergezichten, de zon wordt een zinderende vlam die je levend verbrandt, de azuurblauwe golven zijn oorverdovend en het zand is zo hard dat het pijn doet aan je voeten. Serieus, ik had geen idee dat ik op bepaalde plekken spieren had zitten in mijn voeten en tenen.

    20161027-0827-r0060158

    Maar je moet (of wilt) door, stoppen is simpelweg geen optie. Je loopt op pure wilskracht. Wat ons ook wel op de been houdt, is dat we met 8 mensen lopen: een Amerikaans stel Dan en Mary, Kate uit Zwitserland, een Duitser, Matt, die in Nieuw Zeeland een tijd op een dairy farm heeft gewerkt en daar de Fransman Tom heeft ontmoet, Sam uit Australië en Diego en Michaele, de Italiaanse jongens. We lopen niet altijd samen, soms lunchen we samen of praten we even en dan loopt ieder weer zijn eigen pace. Toch helpt dat enorm. Als je weet dat iemand voor je uit loopt of achter je, brengt dat wel de competitiedrang in je naar boven. Misschien zeg ik dat verkeerd, het is eerder dat het je een duwtje in de rug geeft. Ik dacht dat ik het niet fijn vond om met mensen te lopen. Mijn eerste gedachte was: “We lopen dit om in de stilte te zijn en juist geen mensen te zien.” Daar ben ik van teruggekomen, omdat het best heel gezellig is en toch ook een veilig gevoel geeft als je samen op de campsite zit.

    Dag 2 zijn we dus goed doorgekomen. Aangekomen bij de spot waar de campsite zou moeten zitten op 40.3 kilometer naast de Bluffs werd het even spannend, omdat we niet direct de site konden vinden. Stressmoment! We waren toch behoorlijk moe, zo’n tocht over hard en rul zand gaat je niet in de koude kleren zitten, en zagen het niet zitten om nog verder te moeten lopen. Gelukkig na een paar 100 meter zagen we de campsite verstopt zitten achter de duinen. Jeej. Eindelijk tijd voor rust en ook nog vrij vroeg op de dag ook. Dag 3 zou weer een lange zware tocht worden.

    20161027-1232-00052

    De upside van dag 3: Utea Park
    De upside van dag 3 is dat we bij een campsite zouden komen met een warme douche, Utea Park – dat je daar naar kunt verlangen na twee dagen al, ik ben verwend! Dat cadeautje in gedachte was genoeg incentive om door te lopen en ervoor te gaan. Ik moest en zou dat einde halen. Makkelijker wordt er toch niet op. We proberen er toch de pas in te houden, want een langzamer tempo aanhouden is niet altijd fijn met deze afstanden. De eerste 15 kilometer gaan vrij goed, maar daarna proberen we toch om de 5 kilometer een korte pauze te houden en tussendoor wat stretch en rek-pauzes. Je lichaam wordt op een gegeven moment zo stijf en pijnlijk van de constante beweging en het gewicht. Die pauzes zijn dan zeer noodzakelijk.

    20161027-1259-00055

    Elke paar kilometer even rekken was écht nodig de eerste paar dagen

    uteaUtea Park was een fijne plek. Met inderdaad de warme douche, koude biertjes en zelfs fruit! Wat een luxe. De rest van de groep die op dezelfde dag begonnen was, druppelde binnen. Iedereen zit in hetzelfde schuitje, dus er werden direct verhalen uitgewisseld om elkaar te leren kennen. Tegen schemering aan gingen we onze eigen gang, het ‘tramperlife’ eindigt vroeg door alle vermoeidheid.

    Ahipara in zicht
    Jasper en ik hadden besloten om de volgende dag vanaf Utea Park direct naar Ahipara door te lopen, een tocht van 32km. Terwijl de meeste van onze TA-genoten tussentijds bij een andere campsite wilde stoppen, hadden wij geen zin om nog een dag langer op het strand rond te hangen. So on we got, linea recta naar Ahipara. Nog even een celebratory foto gemaakt op het 100km-punt.

    20161028-1619-r0060167

    Die laatste 5km waren zwaar, loodzwaar. Met het einde in zicht, wordt de tegenzin ook groter. Met lood in de schoenen en pijn in de schouders en nek sleepten we ons de laatste kilometers door. Op 1 km van het eindpunt moest ik echt nog even zitten, mijn lijf niet gewend aan het backpack- en trampingleven was aan het einde van haar latijn. Dus, tanden op elkaar klemmende, maakten we laatste meters tot de youth hostel.

    Vier dagen lang droomden we over ander eten dan teailfood. Echter, aangekomen in de youth hostel hadden we simpelweg geen puf meer om op te staan. Daardoor waren we genoodzaakt toch nog onze laatste trailmaaltijd te eten.

    De volgende dag hebben heerlijk genoten van een rustdag. Nou ja, het verplichte rondje ‘resupply’ stond op het programma. De supermarkt in Ahipara is erg klein, wij moesten dus helaas liften naar het volgende dorp. Zowel heen als terug hadden we snel een lift. Op de terugweg kregen we een lift van een Engelse ‘travel blogger’. Omdat ze zelf veel gelift heeft, is ze omgedraaid nadat ze ons zag staan. Ze was erg onder de indruk van onze tocht en we werden nog even kort geïnterviewd op video voor haar blog.

    Teruggekomen op de camping hebben we ons eten trailklaar gemaakt en ontdaan van extra verpakkingen. Al dat gewicht is te zwaar in de rugzak. Én extra vuilnis kun je onderweg op de trail niet kwijt! ’s Avonds snel genoten van een burger en nachos. En natuurlijk weer vroeg het bedje in om de volgende dag op tijd te beginnen aan de volgende sectie. De ‘Northland Forests’.

    Hoe dat is verlopen, vertel ik in ons volgende blog 😉

    Reacties